sahāyadhammamitta

vipassanā les 1
Login

Mindfulness

The definition is also given in English. Please scroll down.

Mindfulness wordt in het Nederlands vertaald met opmerkzaamheid of soms ook met open gewaarzijn.  Opmerkzaamheid is de mentale kracht om bewust te zijn van de ervaring in het huidige moment. Deze kracht stelt ons in staat om elk aspect van onze ervaring heel direct te observeren.. Andere synoniemen zijn achtzaamheid of oplettendheid.

Het Pāḷi woord is sāti.

sāti is niet hetzelfde als mindfulness. Mindfulness verwijst naar een open, milde, niet-oordelende houding tegenover alles en iedereen - wat ik ooit bij mijn eerste cursus leerde - of iets dergelijks. Mindfulness is in boeddhistische kringen in gebruik als vertaling van sāti maar heeft niets te maken met die eigenschappen (hoe mooi ze ook zijn). Je kunt mindfulness-meditatie doen maar geen sāti-meditatie. Letterlijk betekent het gewoon 'geheugen' maar het wordt gebruikt in een vaste uitdrukking 'sato sampajāno', ik zou zeggen 'opmerkzaam en attent'. Kortgezegd moet sāti betekenen dat je je meditatie-object in gedachten kan houden en er steeds naar terug kan keren. De bekende mahāsatipaṭṭhāna sutta vertelt er uitgebreid over. - MvdD

Door opmerkzaam te zijn is er een weten, herkennen en registeren van de ervaring in het huidige moment. In het moment als we aanwezig zijn, zijn we helder, opmerkzaam, wakker, alert  en gewaar van het object en/of haar kwaliteiten.

Eerw. Sujiva spreekt over 3 kenmerken van opmerkzaamheid:

1. Helderheid.

Het is het tegengestelde van duf of sufheid, bewolkt of mistig, verwardheid of illusie. Helderheid komt dicht bij een ruime, uitgestrekte en opgeklaarde geest. Je kan bijvoorbeeld denken aan helder licht of helder kristal. Met helderheid worden alle objecten duidelijk. De belangrijke kwaliteit van helder gewaarzijn is puurheid.

2. Vredigheid.

Een zuivere geest is vredig. Het tegendeel van vredig is chaos; een geest gevuld met aversie of opwinding is chaotisch. Opwinding is de basis voor groter lijden. Een metafoor zou kunnen zijn een rimpelloos meer, wat zich uitbreidt naar de zee. In deze staat van geest kan concentratie snel groeien; het brengt balans, rust en ontspanning.

3. Zachtheid.

Een zuivere geest is zacht als wol, vloeibaar als water, vriendelijk als balsem. Met aanwezigheid en gewaarzijn heeft de geest een helder gewaarzijn, ook als de objecten subtiel zijn, illusoir zijn, wrang of moeilijk te dragen. Het tegengestelde  van zachtheid is hardheid, rigiditeit, hardnekkigheid zoals een geest gevuld met haat en vooroordeel of hardheid wanneer er sterk verlangen is of boosheid. Een metafoor voor zachtheid kan zijn vallende sneeuw, witte katoen of sprankelende nevel.

De meest belangrijke kwaliteit is zuiverheid en helderheid. Vervolgens geeft vredigheid een basis voor diepere concentratie en dan komt zachtheid en flexibiliteit om fijnere ontwikkeling mogelijk te maken wat vervolgens weer een bijdrage levert aan helderheid en puurheid. De hele ontwikkeling van mindfulness of opmerkzaamheid loopt van grof naar subtiel.

Sāti in combinatie

Sāti opereert nooit alleen. Het heeft vertrouwen, inspanning, concentratie bij zich en helder begrip. Sāti of opmerkzaamheid is de middelste van deze 5 krachten. Deze krachten kunnen in de meditatie in balans komen, waardoor ze zich gaan bundelen. Vertrouwen komt in balans met begrip of weten en inspanning komt in balans met concentratie. Als die balans er is kan deze bundel meer en meer aan helderheid, doordringendheid, vredigheid en zachtheid, snelheid, exactheid en flexibiliteit winnen waardoor de mindfulness ontwikkelt en groeit.

Wat moeten we doen?

We moeten beginnen aanwezig te zijn met vertrouwen en inspanning.

Wat belangrijk is, is dat sāti steeds opnieuw teruggebracht wordt naar het basisobject, bijvoorbeeld het rijzen en dalen van de buik. In het begin vraagt dit veel inspanning, die doet denken aan het trainen van een jonge hond. Hoe train je een jonge hond? Vriendelijk maar ook beslist en standvastig. Elke keer als je opmerkt dat de geest afwezig is en verdwaald in denken, breng je de geest terug naar het rijzen en dalen van de buik.

In het begin lijkt dit oeverloos en kan het voelen dat er niets verandert. Maar je kunt het vergelijken met het maken van vuur door wrijving van stenen of stokjes. Hoe vaker je het doet uiteindelijk ontstaat vuur. Wat gebeurt er als je even stopt met vuur maken? Je moet weer helemaal opnieuw beginnen. Dit is met het ontwikkelen van opmerkzaamheid hetzelfde.

Bij zitmeditatie en loopmeditatie, maar ook bij de dagelijkse activiteiten is opmerkzaamheid een grote bescherming omdat ze de deuren/poorten van de zintuigen beschermt: de ogen, de oren, de neus, de tong, de tastzin, het denken. Naast opmerkzaamheid bij het rijzen en dalen van de buikwand zijn we met opmerkzaamheid bij de beweging van de voeten en de poorten van de zintuigen.

Als er horen is kunnen we dit benoemen met horen, als er zien is kunnen we dit benoemen met zien, als er ruiken is met ruiken, proeven met proeven, als we lichamelijke indrukken hebben met tasten en denken met denken. Soms merk je plannen op of herinneren.

Via de poorten van de zintuigen komen zintuiglijke indrukken binnen, hierbij ontstaat gevoel: prettig, onprettig en neutraal. Vanuit het gevoel ontstaat vastklampen aan en afwijzen van een object. Vastklampen en afwijzen zorgen er voor de conditionering sterker wordt. Hier komen we nog op terug.

Sāti is ook herinneren. Het herinnert je aan wat je wilde, wat je van plan was, brengt je terug naar het nu. Sāti vergeet niet en komt op bij heldere waarneming. Zodra we ons herinneren om opmerkzaam te zijn, zijn we weer hier en nu aanwezig. Elk moment van herkenning en erkenning van een object is een klein moment van verlichting. Het is gezien. En ook als we ervaringen opmerkzaam aanwezig waren kunnen we ze later beter herinneren.

Wanneer ben je opmerkzaam?

Misschien kunnen we een paar situaties schetsen waarbij er geen opmerkzaamheid is. Als je bijvoorbeeld dronken bent dan kan je je auto of fiets niet meer recht houden. Het kan het zijn dat je later niet meer weet wat er gebeurd is. Een ander voorbeeld: als je functioneert op de automatische piloot. Je fietst volkomen in gedachten naar je werk en later herinner je niets van de tocht. Dit komt vaak voor bij routinewerkjes, maar misschien ook wel in de retraite; je herinnert je een lastige situatie van je werk en gaat mee met de gedachtenstromen daarover en verdwijnt daarin. Laatste voorbeeld: als je diep slaapt is er geen opmerkzaamheid.

De beoefening van Mindfulness volgens Bikkhu Bhodi in The Noble Eightfold Path

In het oefenen van goede opmerkzaamheid is de geest getraind om in het nu te blijven: open, rustig en alert beschouwende het huidige moment. Alle oordelen en interpretaties worden opgeschort of, als ze opkomen, geregistreerd en losgelaten. De taak is simpel te noteren wat er verschijnt, aanwezig te zijn bij de veranderingen van gebeurtenissen op een manier zoals een surfer op de golven surft van de zee. Het hele proces is een manier van terugkomen in het moment of zijn in het hier en nu, zonder weg te glippen of mee te laten slepen bij de impact van afleidende gedachten.

In the practice of of right mindfullness the mind is trained to remain in the present, open, quiet and alert, contemplating the present event. All judgments and interpretations have to be suspended, or if they occur, just registered and dropped. The task is simply to note whatever comes up just as it is occurring, riding the changes of events in the way the surver rides the waves on the sea. The whole process is a way to coming back into the present, of standing in the here and now without slipping away, without getting swept away by the tides of distracting thoughts.

Mindfulness van zichzelf is niet reactief. Het accepteert elke ervaring zoals deze zich aandient en weer verdwijnt. Ongeacht de inhoud van de gedachten of ervaringen blijft Mindfulness stabiel en onwankelbaar. Sāti onthult de pure essentie van de ervaring zonder de interpretaties ervan. Het beoefenen van Mindfulness gaat over niet-doen. Normaliter bemoeit de geest zich ermee, door te associëren, te plannen of te oordelen over datgene waarvoor aandacht is. Door Mindfulness te beoefenen doen we niets anders dan de huidige ervaring te zien opkomen en te zien verdwijnen. Er is observeren en noteren.

We hebben veel mooie woorden gehoord en dat is belangrijk omdat je dan weet waar het naar toe kan gaan. Maar in het dagelijks leven en zeker in het begin kan de geest gemakkelijk reactief worden. Er is bijvoorbeeld slaperigheid of pijn en ongemak. Dit wil je niet, je hebt een verwachting of een wens, dat het stil gaat worden of helder.. daardoor ontstaat er dubbele pijn!  Je begint te denken: hier ben ik niet voor gekomen. Je wil het graag weg hebben. Aversie. Driedubbele pijn.. sallatha sutta (SN 36.6), verhandeling over de pijl - MvdD

Dit opmerken helpt. Als je de aversie ziet bijvoorbeeld op pijn of denken dan wordt dat het juiste object. Benoemen of noteren is een groot hulpmiddel. Door met geduldige discipline te benoemen bij het hart – Mettavihari zegt; onder je kin – ontstaat er een kleine afstand naar het object. Het helpt om er niet mee samen te vallen of geïdentificeerd te raken met het object.  Belangrijk is dat je niet benoemt met de intentie om het weg te willen hebben. Door te benoemen ontwikkelt concentratie zich.

In de beoefening gaat het over het versterken van sīla, (discipline), samādhi (concentratie) en pañña (wijsheid).

Bij het zitten breng je de aandacht naar de beweging van de buik, bij het lopen naar de beweging van de voet, bij de dagelijkse activiteiten naar de intenties, maar ook de zintuigpoorten. Hoe vaker je de aandacht terug brengt naar het hier en nu  ontstaat er opmerkzaamheid en wordt de geest getraind.

Bronnen;

5 powers van ZR. Aganyani/ Mindfulness Bart van Melik en Tree of wisdom, the River of no return Eerw. Sujiva, 7 discourses  eerw. Mettavihari

* Terug naar het overzicht van de cursus vipassanā.