Afhankelijk Ontstaan
paticca-samuppāda
Afhankelijk Ontstaan (onderling-afhankelijk ontstaan) is de doctrine van de voorwaardelijkheid van alle fysieke en psychische fenomenen. Samen met de idee van niet-zelf (anattā) vormt het een onmisbare voorwaarde voor het daarwerkelijk begrijpen en realiseren van de Leer van de Boeddha. De andere twee doctrines die traditioneel gezien worden als onmisbaar zijn de Vier Nobele Waarheden en het Nobele Achtvoudige Pad. Afhankelijk Ontstaan staat voor het voorwaardelijke en onderling afhankelijke karakter van de ononderbroken veranderende stroom van fysieke en psychische fenomenen die wij namen geven als 'het ego', 'een boom', 'een kind' en zo voort. Kortom, zodra wij de werkelijkheid in stukjes beginnen te hakken gaat er iets mis, gaat er werkelijk begrip verloren. Dat we het toch doen hoort bij het menselijk leven; hoe zouden we anders moeten communiceren of begrijpen? De Dhamma leert ons echter de betrekkelijkheid inzien van alles wat wij een naam geven.
De idee van niet-zelf (anattā) wordt opgebouwd door het geheel (van de menselijke geest) op allerlei manieren op te splitsen in 'lege', fenomenen of delen zonder substantie. Afhankelijk Ontstaan wordt echter opgebouwd door te laten zien dat alle fenomenen hoe dan ook op de een of andere manier verbonden zijn met elkaar, gerelateerd zijn aan elkaar. Je zou kunnen zeggen dat de complete abhidammapitaka eigenlijk niks anders doet dan uitleg geven over deze twee ideeën. Het boek dhammasangani past de eerste methode toe, patthāna de tweede. De opbouw is nauw verweven met de boeddhistische kijk op kamma.
Paticca-samuppāda wordt niet alleen in de abhidamma besproken maar komt ook in de sutta's al voor, met name in de titthasutta (Dwaalleren) en in de mahānidanasutta, de Grote Toespraak over Oorzakelijkheid. Er wordt een beschrijving in voorwaartse richting gegeven, die overeenkomt met de tweede Edele Waarheid van het ontstaan van het lijden en een beschrijving in achterwaartse richtting, overeenkomend met de derde Edele Waarheid van het opheffen van het lijden. Een goed begrip van Afhankelijk Ontstaan is dus essentieel om van de Vier Edele Waarheden meer te maken dan een geloofsstuk en tot werkelijk begrip te komen. Werkelijk doorgronden van de Vier wordt gezien als de definitie van sammāditthi, Volkomen Inzicht, in de zin van het Nobele Achtvoudige Pad, zelf de vierde Edele Waarheid. Deze zaken worden overigens consequent Edel of Nobel (ariya) genoemd omdat ze compleet onafhankelijk zijn van persoonlijkheid, afkomst, geslacht, rijkdom of welke omstandigheid dan ook. Ze zijn domweg altijd waar en niet onderhevig aan meningen. Daarbij zijn zij door de meest hoogstaande Edele, de Boeddha, ontdekt.
Het is lastig zo niet onmogelijk om tot een goed begrip te komen van Afhankelijk Ontstaan zonder de redelijk complexe wolk aan onderliggende concepten te begrijpen. Het gaat dan om de paccaya (voorwaarden) en de nidana (schakels). De schakels hebben allemaal de vorm 'door dit ontstaat dat (en dat)'. De voorwaarden zijn al dan niet doorslaggevende voorwaarden die voor, naast of zelfs na andere voorwaarden ontstaan en zo het werkingsmechanisme achter de schakels verhelderen. Binnen de abhidhamma gaat het om paccayasatti, conditionerende krachten.
In de sutta's vinden we een complete beschrijving van paticca-samuppāda terug in de paticca-samuppāda-vibhanga sutta.
De standaard weergave, in voorwaartse richting tenminste, gaat als volgt.
- Avijā-paccayā sankhārā: "Door onwetendheid worden de sankhārā
geconditioneerd."
Dit zijn de wedergeboorte-producerende wilsacties (cetanā), ook wel 'karma-formaties'. - Sankhāra-paccayā viññānam: "Door de karma-formaties (in het vorige leven) wordt bewustzijn geconditioneerd (in dit leven).
- Viññāna-paccayā nāma-rūpam: "Door bewustzijn worden de mentale en
fysieke fenomenen (nāma-rūpa) geconditioneerd."
Dit is wat wij ons individuele bestaan noemen. - Nāma-rūpa-paccayā salāyatanam: "Door de mentale en fysieke fenomenen
worden de zes zintuigen geconditioneerd."
Bedoeld worden de vijf zintuigen die wij kennen plus het denken, wat telt als zesde zintuig. - Salāyatana-paccayā phasso: "Door de zes zintuigen worden de sensorische mentale impressies geconditioneerd."
- Phassa-paccayā vedanā: "Door impressie wordt gevoel geconditioneerd."
- Vedanā-paccayā tanhā: "Door gevoel wordt begeerte geconditioneerd."
- Tanhā-paccayā upādānam: "Door begeerte wordt vastgrijpen geconditioneerd."
- Upādāna-paccayā bhavo: "Door vastgrijpen wordt het proces van worden
geconditioneerd."
Dit proces bestaat uit actieve en passieve levensprocessen, dus wedergeboorte-producerende kammatische processen (kamma-bhava) en, als eindresultaat, het wedergeboorteproces (upapatti-bhava). - Bhava-paccayā jāti: "Door dit (wedergeboorte-producerende kamma-)proces wordt wedergeboorte geconditioneerd."
- Jāti-paccayā jarāmaranam, etc.: "Door wedergeboorte wordt ouderdom en dood (verdriet, weeklagen, pijn, verdriet en wanhoop) geconditioneerd. Aldus ontstaat deze hele massa van lijden opnieuw in de toekomst."
We zien hier weer dat de Boeddha spreekt op een manier die zowel letterlijk als overdrachtelijk te begrijpen is. Verreweg de meeste boeddhisten geloven in een letterlijke wedergeboorte. We kunnen daarnaast ook begrijpen dat we onszelf als het ware ieder moment opnieuw de ronde van wedergeboorte in duwen omdat we onze onwetendheid (avijā) nog niet kwijt zijn. Het is overigens moeilijk vol te houden dat 'ik' wedergeboren wordt en dat dit 'mijn' volgende leven zal zijn aangezien de illusie van ik één van de drie hoofdbestanddelen van avijā is.
De eerste voorwaarde, de wortel-voorwaarde (hetu-paccaya) is als de wortel van een boom. Net als een boom rust op een wortel en in leven blijft alleen zolang de wortel niet is vernietigd, zo zijn alle mentale staten die wat kamma betreft heilzaam of onheilzaam zijn volledig afhankelijk van het gelijktijdig bestaan van hun respectievelijke wortels: begeerte (lobha), afkeer (dosa) en waandenken (moha). Dit plaats het hele verhaal zonder meer in de context van de Drie Vergiften en dat van verlossing. Met jāti wordt geboorte aangeduid en zo wordt je continu opnieuw geboren in je handelen. Binnen de context van de abhidhamma betekent jāti het opkomen van resulterende staten van geest, hun mentale factoren en de door kamma veroorzaakte materie in een nieuw leven in een of ander bestaansgebied. De vraag wat er over gaat van leven op leven is simpel om te stellen maar lastig om met gezag te beantwoorden. Ik houd het erop dat de kammische zaden hoe dan ook blijven rijpen; die zijn onafhankelijk van jou zodra je de wilsactie hebt verricht. De energie die daarvan uitgaat, gaat hoe dan ook door. Voor de rest meen ik het gewoon niet te begrijpen. Er zijn 24 paccaya die samen alle mogelijke combinaties van voorwaardelijkheid beschrijven. Sommige zijn identiek aan andere maar vormen toch een andere blik op het ontstaan in kwestie.
De tweede voorwaarde is de object-voorwaarde (arammana paccaya) en verwijst naar een object dat de absolute voorwaarde is van een ander object. Oog-bewustzijn kan niet zonder en moet ontstaan na het zintuigelijk contact met het object van het zicht, de licht-golf. Ieder object dat in de geest verschijnt is ook op deze manier de voorwaarde voor het ontstaan van geest-bewustzijn.
Zie voor een volledige uitwerking van alle paccaya de site van Sleutel tot Inzicht.